Wat ga ik fietsen? De Mount Ventoux of niet!
De meeste WTC’ers zullen het wel herkennen: ‘wat ga ik volgend jaar fietsen? Minstens 5000km, een toertocht, het clubweekend, de standplaats, de Teuto of nog een uitje met een aantal close vrienden?’ In de loop van 2014 bleek dat al deze opties in mijn agenda kwamen te staan.
In het begin van het fietsseizoen van het jaar 2014 kwam R.v.R. uit H. met het idee om ergens in 2015 de kale berg, de kale reus, de berg des doods ofwel de Mount Ventoux te beklimmen. M.S. ook uit H. riep meteen: “Ik ga mee!” “ Ik ga ook mee” riep ik er achter aan met de gedachte ‘een leuk idee maar daar zal het wel bij blijven.’ Een andere M.S uit H., onze eigen vriendelijke reus, had er ook wel oren naar. De andere aanwezigen zwegen. Wisten zij niet of het wel in de agenda paste of besefte zij dat het hier ging om de berg des doods?
In het begin van 2014 bleef het idee steeds te terug komen. Ik besloot dat profiel van die berg eens op te zoeken, maar dat had ik beter niet kunnen doen. De eerste slapeloze nacht diende zich aan. Er zouden er nog meer volgen. Gelukkig was het nog slechts een idee. Vervolgens kwamen de eerste georganiseerde ritten op de WTC website te staan. Het clubweekeinde 2015 zou wederom in Vianden plaatsvinden. Een fantastisch fietsgebied en zo goed door Hennie en Wibo in 2014 georganiseerd. (Wie gaat dat in 2016 overtreffen? Een zware opgave voor de nieuwe organisatoren.) Aangezien ik dit niet wilde missen heb ik mij snel ingeschreven. Kort daarna stond ook de Teuto 2015 op de website waarvoor ik mij ook snel heb ingeschreven. Net zoals in 2014 werd het vriendenweekeinde ook weer georganiseerd. Ook de locatie zou hetzelfde blijven: een schitterend huis met binnenzwembad wat in 2014 nog niet klaar was, maar dat zou in 2015 toch wel zo zijn? Mijn agenda voor 2015 raakte aardig gevuld. Zo links en rechts hoorde ik ook geruchten dat de standplaats voor 2015 Morzine Frankrijk zou gaan worden. “Zeker ook naar toe gaan Leon, want het is zo mooi daar” zegt mijn Gerda. Zij heeft daar vijftien jaar geskied. De geruchten klopten inderdaad, het wordt Morzine.
Het nieuwe jaar 2015 begon. De Mont Ventoux JA-zeggers bleven aan het idee werken en de twijfelaars bleven twijfelen. Ook in dit jaar is de berg des doods nog steeds de berg des doods. Als wij dit idee willen realiseren dan moet er wel een plan komen! Wanneer moet het gaan gebeuren? Voor het club weekeinde of erna? Uiteindelijk kozen we voor een week na het clubweekeinde. Ja, het zou dan toch echt gaan gebeuren. R.v.R. heeft in de derde week van juni een zespersoonshuis in Flassan gehuurd. Flassan is een een pittoresk dorpje op ca 6 km van de Mont Ventoux. Ik kon niet meer terug, dus begon ik aan de voorbereiding. Niet te veel kilo’s erbij in de donkere maanden en regelmatig trainen op de Tacx en yoga met mijn dochter Anne.
Het echte fietsseizoen stond in maart weer voor de deur en die begint meestal met de Joop Zoetemelk Classic. Dit is een zware toertocht door de altijd aanwezige wind in het polderlandschap, maar wel een goede training voor alles wat nog komen gaat. De rest van het voorseizoen wat minder kilometers gemaakt door het onstuimige weer. Dan is de geplande reis naar de Eifel al weer daar. Hier hebben we mooie fietstochten gemaakt met redelijk wat hoogtemeters. Helaas was er geen water in het zwembad. Vervolgens vlogen de dagen voorbij. Ter voorbereiding voor de beklimming gingen we ook nog naar de film ‘Mont Ventoux’. Zou het helpen? H.W. ook uit H. meldde zich om mee te gaan. Het genootschap bleef echter uit 4 personen bestaan omdat de grote vriendelijke reus wegens omstandigheden zich moest afmelden. Op naar Vianden waar een groot aantal WTC’s genoten hebben van het clubweekeinde. H.W. ging vanuit Vianden door naar haar ouders in Frankrijk. De bedoeling was dat we haar bij het huis in Flassan weer zouden ontmoeten.
Ik rij de Ventoux op. Wat steil! Ik wil lichter schakelen maar geen kransje meer beschikbaar. Hoe ga ik dit redden? Het wordt zwaarder en zwaarder! Plots schrik ik wakker. De wekker geeft aan dat het 3 uur in de nacht is. Ik ben nog in Houten. Het is de dag van vertrek. R.v.R. en M.S. staan stipt om 4 uur voor de deur. De reis verloopt zeer voorspoedig. Van M.S. weinig last; ze slaapt het grootste gedeelte van de reis en af en toe zingt ze een deuntje met de muziek mee. Van veraf zie je de kale berg al liggen. Wat een puist! Bij het huis aangekomen staat H.W. ons al op te wachten. Ze heeft de sleutel in ontvangst genomen. Het is een leuk huis. Natuurlijk gaan we als eerste WIFI instellen, maar AAAAHHHHH die is er niet!!!! Dat is bijna nog erger dan dat bergje beklimmen. Van de schrik bekomen gaan we dan maar zoveel mogelijk proviand in slaan. ’s-Avonds wordt er besproken wanneer we de berg op gaan. Hoewel het weer mooi wordt, zou er wel veel wind kunnnen staan. Het wordt woensdag. R.v.R. en ik hebben thuis een aantal ritten voorbereid. Een van de ritten gaat door de Gorges de la Nesque; een schitterende omgeving (een aanrader voor een ieder die daar in de buurt verblijft). De woensdag is aangebroken. Het belooft een erg warme dag te worden dus we gaan vroeg op pad. Gelukkig staat er nauwelijks wind en hopelijk is dat op de top ook zo. Je kunt via 3 verschillende kanten de berg op; wij beginnen in Bédoin aan onze beklimming. Allemaal moeten we nog even een zenuwplasje doen en dan gaat het beginnen. De eerste 6 km is het nog niet zo steil en blijven we bij elkaar fietsen. Een Engelsman passeert ons met een redelijk tempo. Zou hij wel weten waar hij fietst? We rijden het bos in, waar het 10 km à 10% is. Vervolgens fietsen wij op eigen tempo omhoog. Ik schakel naar het lichtste kransje, 34×32. Hier moet ik het mee doen tot na het bos, want dan wordt het minder zwaar heb ik van horen zeggen. De Engelsman pikken we al weer na een paar honderd meter in het bos op. Uitgeput staat hij langs de kant van de weg. Toch niet goed voorbereid?! Mijn blik gaat op oneindig; meter na meter gaan onder mijn fiets door. Steeds kijk ik op mijn Garmin hoever het nog is. “Niet doen, niet doen!” zeg ik hardop tegen mijzelf. Plotseling passeert een jonge wielrenner mij. Staande op de pedalen en buitenblad geschakeld scheurt hij naarboven. ‘Hij is nog jong,’ denk ik. Niet op letten en eigen tempo blijven rijden. Er lijkt geen einde aan te komen. Ik moet toch bijna de kale vlakte bereiken want DAAR wordt het makkelijk. Meter na meter klim ik verder. R.v.R. en M.S. hebben mij achter gelaten. Dan komt eindelijk de verlossing: het einde van het bos. Er staat gelukkig nauwelijks wind maar veel makkelijker vind ik het nu ook weer niet. De laatste 7 km na Chalet Renard blijven steil, 7-9%. Ik passeer het Simpson monument. Ik knik met respect, echter stop ik niet. Het moet lukken om zonder te stoppen de top te bereiken! Een aantal professionele fotografen staan langs de kant van de weg en duwen hun kaartje achter in mijn fietsshirt. Het is nog een klein stukje. Voor mij zie ik M.S. weer rijden. En daar is het dan de top waar we al die tijd naartoe hebben geleeft. R.v.R. en M.S. staan mij juichend op te wachten. Een gevoel van verlichting gaat over mij heen. Wat ben ik ontzettend trots op mijzelf! Ook H.W volgt na enkele minuten. Met zijn vieren hebben wij een uitzonderlijke prestatie geleverd!
Na het vieren van deze prestatie gaan H.W. en ik afdalen naar Malaucène. R.v.R. en M.S. gaan terug naar Bédoin. Na een drietal km zien we tot onze grote schrik dat ze de weg aan het asfalteren zijn en dat er tevens steentjes zijn gestrooid. Niet te fietsen dus. Gelukkig komen we na een tijdje weer gewoon oud asfalt tegen. Zo goed als mogelijk verwijden wij de stenen en het asfalt van de fiets en en zetten wij de afdaling weer in. Uiteindelijk komt iedereen weer veilig bij het huis aan. Samen hebben we nogmaals onze overwinning uitgeschreeuwd. Uiteraard hebben we het natuurlijk ook met de nodige versnaperingen (lees: drank) gevierd. Wat valt er na dit hoogtepunt nog te vertellen van de reis? Misschien toch nog twee dingen. De dag na de beklimming een uitrij-rondje gepland maar dit pakt anders uit. Immers moet er ook nog een soort van wedstrijd gehouden worden. Tenslotte blijven wij WTC-renners. Dat wedstrijdje bestond uit wie het verst kersenpitten kon spugen, aangezien wij een kersenboomgaard passeerden.
Wie er gewonnen heeft is niet duidelijk! R.v.R. heeft zeker niet gewonnen! Hij werd gediskwalificeerd wegens overschrijding van de witte lijn.
De laatste dag besluiten wij nog een keer de kale berg omhoog te fietsen vanuit Sault ofwel de ‘makkelijke’ kant.
Na een week van veel plezier en afzien zit het avontuur er op en zijn we zijn weer veilig thuis. De andere uitdaging, standplaats Morzine, ligt bij het uitkomen van dit clubblad inmiddels ook achter ons. Ook daar zijn heel wat verhalen over te vertellen maar dat laat ik graag aan anderen over.
Graag wil ik mijn Ventoux vrienden danken voor deze onvergetelijke ervaring.
R.v.R. = Ron van Rosmalen.
M.S. = Maria Slootmaekers
H.W. = Hanekke Wittewaall